De toekomst van Museum Rijswijk staat opnieuw ter discussie. Raadsleden Yoram van der Meij van Beter voor Rijswijk en Tobias Steijn van Rijswijks Belang willen dat het museum financieel zelfstandiger wordt en minder afhankelijk raakt van gemeentelijke subsidies. Zij hebben een initiatiefvoorstel ingediend waarin wordt gepleit voor onafhankelijk onderzoek naar de toekomst, financiering en maatschappelijke betekenis van het museum.
Aanleiding voor het voorstel is de financiële situatie van de culturele instelling. In 2024 ontving Museum Rijswijk een gemeentelijke subsidie van 485.846 euro. Drie jaar eerder bedroeg die bijdrage nog 429.934 euro. Daarnaast verstrekte de gemeente in 2018 drie leningen met een gezamenlijke waarde van 751.000 euro om de plannen voor Museum nieuwe stijl mogelijk te maken.
Volgens de initiatiefnemers heeft deze financiële ondersteuning nog onvoldoende geleid tot de gewenste resultaten. Zo zijn verschillende ambities op het gebied van erfgoed, educatie, horeca en publieksactiviteiten nog niet volledig gerealiseerd. Ook wijzen zij op de financiële afhankelijkheid van de gemeente. In 2025 was bijna 80 procent van de inkomsten afkomstig uit gemeentelijke subsidie.
De raadsleden vinden dat het museum meer mogelijkheden moet benutten om zelf inkomsten te verwerven. Daarbij denken zij aan commerciële activiteiten, verhuur van ruimtes, fondsenwerving, educatieve programma's en intensievere samenwerking met ondernemers en culturele organisaties.
Ook de geschiedenis van Rijswijk moet volgens Van der Meij en Steijn een prominentere plaats krijgen. Zij willen dat het museum meer aandacht besteedt aan het lokale erfgoed en nauwer samenwerkt met onder andere de Historische Vereniging Rijswijk, scholen en regionale musea. Voorwerpen uit het gemeentearchief zouden vaker voor het publiek zichtbaar moeten worden.
Het college van burgemeester en wethouders staat positief tegenover een onafhankelijk onderzoek, maar plaatst kanttekeningen bij het verminderen van de subsidie. Volgens het gemeentebestuur staat niet vast dat een lagere gemeentelijke bijdrage daadwerkelijk leidt tot een financieel gezonde toekomst.
Daarbij wijst het college erop dat extra aandacht voor Rijswijks erfgoed niet automatisch meer inkomsten oplevert. Een belangrijk deel van de externe financiering is momenteel verbonden aan tentoonstellingen van beeldende kunst. Een verandering in de programmering kan daardoor ook financiële gevolgen hebben.
Bovendien spelen de onderhoudskosten van het museumgebouw een belangrijke rol. Het historische Tollenshuis en het nieuwere gedeelte van het museum vragen de komende jaren aanzienlijke investeringen. Volgens het college vormt het vastgoedonderhoud zelfs een van de grootste risico's voor de toekomst van de instelling.
Museumdirecteur Emma van Proosdij heeft eerder gewaarschuwd voor de gevolgen van mogelijke bezuinigingen. Volgens haar kan een lagere subsidie betekenen dat er stevig moet worden gesneden in de programmering. Zij benadrukt dat het museum naast tentoonstellingen ook een maatschappelijke functie vervult en een ontmoetingsplek voor inwoners wil zijn.
Tegelijkertijd zijn er positieve ontwikkelingen. Na een terugloop van het bezoekersaantal in 2024 en 2025 laat het museum dit jaar herstel zien. Voor de opening van de Papier Biënnale op 20 september hadden al 17.000 mensen het museum bezocht. Daarmee lag het bezoekersaantal op dat moment al hoger dan over heel 2025.
Het onafhankelijke onderzoek moet duidelijk maken welke toekomstscenario's financieel haalbaar zijn en welke maatschappelijke waarde het museum voor Rijswijk heeft. De resultaten moeten uiterlijk 1 juli 2027 aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
De initiatiefnemers willen vervolgens dat uiterlijk 1 november 2027 een financieel verbeterplan wordt opgesteld. Daarin moeten afspraken komen over de financiering, de erfgoedfunctie en de maatschappelijke betekenis van het museum.
De uitkomsten kunnen vanaf 2028 gevolgen hebben voor de hoogte van de gemeentelijke subsidie. Een definitief besluit over een verlaging is nog niet genomen.
Daarmee staat Museum Rijswijk voor een belangrijke periode. De gemeenteraad moet uiteindelijk bepalen hoe de culturele en historische functie van het museum behouden kan blijven, terwijl tegelijkertijd wordt gekeken naar de kosten voor de gemeente en de mogelijkheden om meer eigen inkomsten te realiseren.