De vaccinatiegraad onder jonge kinderen in Rijswijk is zorgwekkend laag. Volgens cijfers die D66 Rijswijk onder de aandacht brengt, is slechts 82,3 procent van de kinderen jonger dan twee jaar volledig gevaccineerd volgens het Rijksvaccinatieprogramma. Daarmee zou Rijswijk de laagste vaccinatiegraad van de regio Haaglanden hebben. Raadslid Zgjim Osmani luidt namens zijn partij de noodklok en pleit voor een gerichte lokale aanpak.
De cijfers betekenen dat bijna één op de vijf jonge kinderen in Rijswijk niet volledig is gevaccineerd volgens het landelijke programma. D66 maakt zich zorgen over de mogelijke gevolgen voor de volksgezondheid. Een lage vaccinatiegraad vergroot het risico dat besmettelijke ziekten zich verspreiden, vooral onder jonge kinderen en andere kwetsbare groepen.
Volgens Osmani is het belangrijk dat de gemeente het probleem niet uitsluitend beschouwt als een landelijke of regionale ontwikkeling. Juist op lokaal niveau kunnen volgens hem maatregelen worden genomen om ouders beter te informeren en de bereidheid om kinderen te laten vaccineren te vergroten.
D66 heeft daarom bij het gemeentebestuur aangedrongen op actie. Naar aanleiding daarvan is de gemeente volgens de partij inmiddels in gesprek gegaan met de GGD en de jeugdgezondheidszorg. Ook wordt gewerkt aan een lokaal plan om de vaccinatiegraad in Rijswijk te verhogen. De partij ziet deze ontwikkeling als een belangrijke eerste stap. In de programmabegroting van Rijswijk voor de periode 2027-2030 wordt inmiddels aandacht besteed aan het onderwerp. D66 spreekt daarbij ook waardering uit voor de inzet van het nieuwe college en wethouder Jaap Finke, die het probleem hebben opgepakt.
Toch vindt Osmani dat verdere actie noodzakelijk is. Het gaat volgens hem niet alleen om het beschikbaar stellen van vaccinaties, maar ook om het bereiken van ouders die twijfelen, onvoldoende informatie hebben of om andere redenen hun kinderen niet volledig laten vaccineren.
Een effectieve aanpak vraagt om inzicht in de oorzaken van de achterblijvende vaccinatiegraad. Daarbij kan worden gekeken naar de toegankelijkheid van vaccinatiemomenten, de informatievoorziening en het vertrouwen van ouders in de gezondheidszorg. Vooral dat laatste speelt een belangrijke rol. Landelijk staat de vaccinatiebereidheid al langer onder druk. Onzekerheid over vaccinaties, misinformatie en verschillen tussen bevolkingsgroepen kunnen bijdragen aan een lagere deelname aan het Rijksvaccinatieprogramma.
De situatie in Rijswijk roept ook vragen op over mogelijke verschillen tussen wijken. Wanneer duidelijk wordt waar de vaccinatiegraad het sterkst achterblijft, kan de gemeente samen met de jeugdgezondheidszorg gerichter maatregelen nemen.
D66 wil dat het onderwerp nadrukkelijk op de lokale politieke agenda blijft staan. De partij vindt dat inwoners goed moeten worden geïnformeerd over de risico's van een lage vaccinatiegraad en het belang van bescherming tegen infectieziekten. Volgens Osmani is het positief dat de gemeente inmiddels stappen zet, maar is daarmee het probleem nog niet opgelost. Uiteindelijk moet de lokale aanpak ertoe leiden dat meer kinderen worden gevaccineerd en het risico op uitbraken van besmettelijke ziekten afneemt.
Een belangrijk aandachtspunt bij de cijfers is dat het RIVM niet alle toegediende vaccinaties op naam kan registreren. Daardoor kan de werkelijke vaccinatiegraad iets hoger liggen dan het geregistreerde percentage. Dat neemt volgens de gezondheidsautoriteiten niet weg dat een hoge vaccinatiegraad noodzakelijk blijft om de verspreiding van infectieziekten te beperken,