Helena Schuemi schreef ooit een boek over de oorlogstijd ‘Mattenkloppen’. Zij wil hiermee aan de jeugd laten zien dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Zij gaf ook regelmatig lezingen op scholen.

“In 1966 kwam ik in mijn mooie Rijswijk met mijn man en vier jonge kinderen, vanuit Schiedam, in Rijswijk wonen. Dat was gelijk al een hele verbetering, want we gingen van een vierkamer flat naar een veel ruimere woning met centrale verwarming. Hoera alle kamers verwarmd en geen kolen meer scheppen. De scholen van de kinderen waren aan de overkant van de straat, dus idealer kon het niet.”

“Na vijf jaar kreeg ik tot mijn grote vreugde zelf ook een aanstelling als kleuterleidster aan de Steenvoorde school. Ik heb daar heerlijke herinneringen aan. De scholen lagen midden in het groen en de kleuters beschikten over een ruim grasveld en wat wild struikgewas, waar ze veel ontdekkingen deden. In de zomer geurden heel Rijswijk naar de rozen, die daar door toedoen van de toenmalige burgermeester waren aangeplant. In hun vrije tijd trokken onze jongens met een stel vriendjes naar het Rijswijkse bos met een bolderkar vol riddertuig, zoals schilden, zwaarden, helmen en de nodige stokken en kleden. Ze konden daar veilig spelen in die tijd, alleen de boswachter zat hen nog wel eens op de hielen. De kinderen vonden dat een heel vervelende, boze man.”
“In 1975 overleed mijn man en vader van mijn vier kinderen. We zijn toen al snel verhuisd naar een eengezinswoning in een besloten buurtje, aan de rand van het Rijswijkse bos. Daar vonden de kinderen al snel hun draai. In de zomer bezochten ze dagelijks het zwembad De put, dat aan het eind van onze straat ligt. Ook het binnen en buiten zwembad aan de rand van het Rijswijkse bos werd druk bezocht, als de kinderen in de zomer genoeg hadden van die grote karpers in De put. In het binnenbad hebben mijn twee jongsten leren zwemmen. Inmiddels ben ik 88 jaar en ik geniet dagelijks van de mooie omgeving waarin wij nu alweer 42 jaar wonen.

“Vanuit huis loop ik met een paar minuten naar de bosrand om te genieten van een heel mooi plekje vlak bij huis, waar ik me in één of ander exotisch land waan. Als ik daar aan de rand van de vijver plaats neem op het bankje en uitkijk over de vijver, omzoomd met een aantal grote treurwilgen met op de achtergrond bomen in allerlei tinten, overvalt me telkens weer een gevoel van blijdschap en als ik daarna naar huis loop door onze mooie boomrijke buurt, dan voel ik me een gezegend mens om in een dorp als Groen Rijswijk te wonen.”
Foto: Stichting Ruijs