Terwijl ik aan een grote tafel zit waar we net ontbeten hebben, kijk ik uit over een adembenemend landschap.

Nieuw-Zeeland is een land van uitersten. Vooral van weinig mensen, slordige steden, onmogelijke wegen waar je toch 100 km per uur mag rijden hoewel links en van veel, heel veel schapen en nog meer koeien. Koeien die dan weliswaar buiten staan maar ook, zo lijkt het, met 6 koeien op een vierkante meter. (Nieuw-Zeeland is na Nederland het grootste melk producerende land van de wereld.)

‘Hey guys’ ook al zijn we met vier vrouwen, hoor ik het meest als aankomstgroet. Vervolgens ‘how are you?’ . Het enige wat er van je verwacht wordt als antwoord is ‘fine’. Nooit ‘good, how are you?’ Want dan zijn de gastheren of gastvrouwen helemaal verbaasd. In winkels, in restaurant en hotels. ‘How are you?’ ‘Fine’, ‘oh cool (awesome)’.

Vervolgens krijg je in een restaurant over het algemeen ongevraagd een fles of karaf met gekoeld kraanwater en net zoveel glazen als je vraagt. Daar wordt niets voor in rekening gebracht. Sterker nog, als de fles leeg is wordt er vanzelf weer een bij gezet: ook al bestelt slechts een persoon een glaasje limonade. Je kunt daar uren op zitten en niemand kijkt je raar aan. Wegkijken komt hier helemaal niet voor.

Als je wel bent gekomen om daadwerkelijk iets te eten, krijg je een kaart die bestaat uit ongeveer zes voorgerechten met vervolgens ongeveer tien hoofdgerechten met zes keer vlees en vier keer vis. Gemiddelde prijs rond de 20 dollar ofwel zo’n 13 euro voor een hoofdgerecht. Niet duur dus. Als je dan vervolgens hoort als je iets besteld hebt ‘beautiful’ of ‘wonderful’ dan voel ik me een koningin. ‘Goh, dat ik zo goed iets besteld hebt dat het zelfs beautiful is.’

Nieuw-Zeeland is een land van de Maori’s maar de witte mens voelt overduidelijk dat zij degenen zijn die het land ‘gemaakt’ hebben. En hoewel bestaand uit immigranten heeft ook hier het anti-immigrantengevoel vorm gekregen in een extreem rechtse en in een nationale partij. De Nationale partij is in de laatste verkiezingen weliswaar de grootste geworden maar ze hebben de onderhandelingen niet overleefd. Links heeft het heft in handen gekregen. Een vrouw, Jacinda Ardern, moest midden in de campagne de Labour-partij uit het dal helpen. Dat heeft ze gedaan en zij gaat het premierschap vervullen. Maar ik had het over gastvrijheid. Maori-voedsel vind je hier niet op de kaart.
Kom je uit The Netherlands – ook al hebben de Nieuw-Zeelander soms geen idee waar dat is – dan is dat ‘awesome’ ‘great’ of, en die kreet hoor ik hier het meest, ‘cool’.

Gastvrijheid is hier in alles, oog voor detail. Behalve altijd en gratis water zijn de producten vers en vaak zelf gemaakt. Of het nu de jam of de honing is. Het werken van locals is tot nu toe werkelijk in iedere plek, goed gebruik. De koffie is overal van goede en vaak MVO-bonen. (Zie foto: zuinigheid met vlijt)

Het hotel waar ik nu zit heeft een gratis shuttlebus en ’s avonds jazz omdat het hier in Queenstown jazzweek is. Een sauna en yogalessen kunnen gebruikt worden tegen een kleine vergoeding. Ook al is het een hotel met alle hotelvoorzieningen, iedere kamer heeft een eigen keukentje.

En dan de bediening. Er wordt weinig gegeven om vormelijkheid. Tatoeages en piercings, leggings voor de vrouwen: ik zie ze overal. Mannen met een staartje zie ik vaker in de bediening dan mannen zonder. In de keuken heeft iedereen een haarnetje, dat weer wel; hygiëne boven alles. Zelfs in het sjieke restaurant waar ik gisteren at, had de gastvrouw een weliswaar bescheiden, maar toch, ringetje in de neus. Allemaal een zelfde schortje (opdruk ‘everything is possible’) of een zwarte sloof met een polo met opdruk, is wat ik als meest vergaande vorm van bedrijfskleding heb gezien.

Dat bedienend personeel in een winkel of in een restaurant eerst hun eigen conversatie moeten afmaken voordat ze mij iets vragen, heb ik nog niet mee gemaakt. Ook niet dat gevraagd wordt ‘smaakte het?’. Er wordt stipt, snel en vooral met een niet gemaakte brede lach, bediend. Zeg maar, je voelt je hier echt geholpen en echt heel erg welkom.

En ook al is er dus kennelijk een politieke partij die geen nieuwe Nieuw-Zeelanders wil, alle vreemdelingen worden hier met een grote lach, zeer hartelijk en gastvrij ontvangen. Cool.

Yvonne Hagenaars

PS Het hotel waar ik nu ben heeft als motto ‘Here we are. Here + now. That’ s all there is.’
Www.Sherwoodqueenstown.nz