‘Jouw hond heeft een baas’. Dat is wat je vaak hoort als iemand voorstelt om ‘even met de baas te overleggen.’ Baas is een vies woord.  Het veronderstelt dat jij dan de knecht bent. En knecht, dat is nog een graadje meer dan vies. Het is een vernederend woord. Althans, zo wordt dat ervaren.

Baas. Misschien willen we het stiekem graag zijn. Denk aan de ouder die tegen zijn kind zegt ‘denk jij soms dat jij hier de baas bent?’ En het kan ook in het Engels. Fans van Bruce Springsteen noemen hun held maar wat graag ‘boss’ sterker nog The Boss ofwel de baas der bazen. En in de uitdrukking ‘hij is een echte baas’ mag het ook. Kortom, enige hypocrisie in de taal en de dagelijkse omgang is kennelijk niet vreemd.

‘Een knecht geeft een ander de kans om te schitteren’. Want ik wil het met u hebben over de knecht.

Wat een prachtige rol. Je zou toch wensen dat heel veel mensen graag knecht willen zijn? Als je in staat bent om een ander de gelegenheid te geven om het beste uit zichzelf te halen omdat jij dat voor hem/haar mogelijk maakt, wat voor mooi mens ben je dan? In de Tour de France werkt dat zo. En, taalsgewijs, ze nóemen het ook zo. Tom Dumoulin is een baas. Van Dam is een knecht. En beiden zijn er trots op.

Er zijn bazen, knechten en een hele grote ploeg grijze muizen; de onzichtbaren. Zij die er voor zorgen dat alles loopt. Zij zijn van de persoonlijke verzorging of zij koken, als mecaniciens zijn zij diegene die het materiaal prepareren, er zijn artsen, schoonmakers, koks, chauffeurs en wat al niet. Af en toe komen ze tevoorschijn. Samen doen, zorgt voor een gezamenlijke prestatie. Voor winnen of verliezen.

Wout Poels is een meesterknecht, en daar is hij trots op. Een erenaam. Aardige bijkomstigheid is dat de bazen weten dat knechten nodig zijn en er in de Tour als meesterknecht ook pittig geld mee te verdienen is.

Het wonder van de taal. Het wonder van de Tour de France, als het leven zelf.

Ik wens u alvast een heerlijke vakantie en af en toe een knechtenrol. Meesterknecht mag ook.

Yvonne Hagenaars

PS Volgende week hoop ik te schrijven over de Tour als het leven zelf.