Ik weet dat het verboden is om over vroeger te praten. Dan ben je ‘belerend’, ouderwets en oud… Ik krijg de kriebels als mensen zeggen dat je met je tijd mee moet gaan. Waarom zou je niet mogen praten over dingen die goed waren? Overigens: ik ben ervan overtuigd dat elke tijd wel iets moois, en vaak ook minder mooie kanten heeft.  

Zo vind ik dat kinderen van alle generaties van tijd tot tijd buiten horen te spelen. Maar ik weet het, in plaats van buiten spelen, wordt er nu binnen gespeeld, met de smartphone, de laptop, het tablet, de computerspelletjes en andere digitale mogelijkheden. Nog te zwijgen over de commercie die hier handig op inspeelt. Bedrijven zien geld, veel geld! Maar hoe moeten we dat zien, die kinderen die alsmaar binnenspelen met hun computerspullen? Is dat goed, slecht, een beetje goed of een beetje slecht… ? Het is eigenlijk een moeilijke materie.  

Het begint bij de ouders die excuses zoeken om kinderen niet buiten te laten spelen. Want: ‘mijn kind heeft zoveel huiswerk en dus geen tijd om buiten te spelen. En de gymleraar is ook al wegbezuinigd. Zijn ze wel veilig buiten?’ Er zijn zoveel argumenten te bedenken om de kinderen binnen te houden…  

‘Maar speelden jouw kinderen dan altijd buiten’, hoor ik u nu zeggen. ‘Nee, zeg ik dan’: ‘in de jaren-‘90 had ik er weleens moeite mee ze naar buiten te krijgen maar uiteindelijk zag ik tot mijn plezier dat ze plotseling weer ouderwets (?) in de tuin voetbalden. Even terug naar mijn eigen jeugd (gewoon nog even doorlezen!): mijn generatiegenoten zullen het herkennen: na schooltijd waren minstens 25 jongeren in de gemeenschappelijke tuin aan het voetballen. Als doelpaal waren er twee jassen. Daarmee moesten wij het doen ….. We konden ook hutten bouwen of als je veel fantasie had, een kermis maken in de tuin van stenen en er omheen fietsen. De creativiteit van een kind is groot! Maar buurthuizen of Cruyffveldjes waren er niet. We vermaakten onszelf. We moesten wel….!  

Wat ik hiermee wil zeggen is dat welvaart ons veel goeds heeft gebracht, maar ook zaken die helemaal niet zo goed blijken te zijn. Dan hoor je al die gemeenten en deskundigen moord en brand schreeuwen dat kinderen weinig bewegen. Ik schud dan mijn hoofd en denk net als Louis van Gaal: ‘Ben ik nou degene die zo slim is, of ben jij zo dom?’ 

Terug naar de essentie: laat kinderen ook weer in de gemeenschappelijke tuin spelen en sporten. En net als toen allerlei ‘tuinen’ tegen elkaar laten voetballen waarbij de ouders vanaf het balkon kunnen genieten van hun kinderen en niet eerst tien straten verderop moeten zoeken naar veldjes en buurthuizen. Hoe goed bedoeld ook dat al die veldjes er zijn en natuurlijk moeten die niet weg, maar het er is ook een tussenweg, het kan beide: de kinderen soms op straat, en soms in huis met hun laptop, computergames en tablets….

Ik heb de beker nog die we wonnen met het tuinvoetbaltoernooi met de Coevordenstraat van de Melis Stokelaan. Ik zie het voor me! Weet u wat ze nu met de tuinen hebben gedaan aan de Piet Kohlerstraat? Beloof niet te lachen: er zijn nu bloemen- en grasperkjes aangelegd en daartussen staan er banken…Bij organisaties die dat verzinnen moeten mensen werken die een hekel hebben aan kinderen. Op die banken heeft nog nooit iemand gezeten, behalve iemand die dronken was en verward was.  

Ik ga niets romantiseren en zeker de stelling niet verdedigen dat alles vroeger beter was. Dát heb ik al toegelicht, maar ik durf te benoemen wat vroeger goed was en zou dat graag weer oppakken. Een kind heeft niet zoveel nodig. Ik durf de uitdaging aan dat ik niet de enige ben die dit beweert en dat het ‘spel op straat’ absoluut weer zou aanslaan. Maar enige aanmoediging is hierbij nodig! Een Rijswijkse uitdaging….? 


René Marquard