Schuldenpositie Waterschap Delfland niet oke

mainImage

‘Delfland betaalt nu teveel rente. Het moet de schuldenberg serieus verlagen’,  zegt Frans van Kasteren van de Algemene Waterschapspartij Delfland – niet politiek wel deskundig. Van Kasteren uit Rijswijk is financieel specialist en kandidaat nummer 5 op de kieslijst voor de Algemene Waterschapspartij AWP.  

De gemiddelde schuldenlast van de waterschappen is in verhouding tot de jaarlijkse belastingopbrengsten zeer hoog. Hoger dan voor provincies en gemeenten of het Rijk. De omvang van de schuld in verhouding tot de jaarlijkse opbrengsten wordt ook wel ‘netto-schuldquote’ genoemd. Deze verschilt per waterschap maar loopt uiteen van 2 tot 4 keer de begroting. Het Hoogheemraadschap van Delfland behoort tot de koplopers in Nederland. Dat is de reden waarom Delfland ca 32,5 miljoen rentelasten betaalt in 2019. Dat is meer dan 15% van de begroting.  

De grote schuld bij het Hoogheemraadschap van Delfland is ontstaan in de periode 1999 tot 2008. Er vonden in die periode veel dure investeringen plaats. Hiervoor leende het waterschap enorme sommen geld maar zonder de waterschapsbelasting op tijd te verhogen en zonder af te lossen op leningen. In de periode 2009 tot en met 2015 vonden die belastingverhogingen alsnog plaats.  

Vanaf 2015 is gestart met het doorvoeren van bezuinigingen en tegelijkertijd met het sparen van geld voor het aflossen van langlopende leningen vanaf 2023. Eind 2019 heeft het waterschap 740 miljoen schulden uitstaan terwijl in 2019 maar 230 miljoen waterschapsbelasting wordt geïnd. De Netto-schuldquote bedraagt eind 2019 hierdoor nog steeds 288%  

Wat zou de maximale schuld voor Delfland moeten zijn na 2023?  
Het Rijk mag volgens de wet een maximale schuld hebben van 60% van BBP en een maximaal begrotingstekort van 3%1. Gemeenten en provincies hebben dit vertaald naar een norm voor wat in de praktijk een ‘houdbare schuld’ is. Een houdbare schuld is maximaal 130% van de inkomsten van een provincie of een gemeente is. 

Ook voor waterschappen ontbreekt in de wet een norm voor de maximale schuld. De waterschappen zelf denken nu dat deze norm voor een waterschap ergens moet liggen tussen de 200% – 250% van de jaarlijkse belastinginkomsten van een waterschap. Dat is veel hoger dan voor een gemeente of een provincie, omdat de bedrijfsvoering van waterschappen veel kapitaalintensiever is dan van provincies en gemeenten. Zo’n norm is wel een belangrijk richtpunt voor het voeren van een gezond financieel beleid voor elke waterschap. Ook voor het Hoogheemraadschap van Delfland is het zinvol hierover na te denken. 

Stel dat Hoogheemraadschap van Delfland vaststelt dat de maximale schuld niet hoger mag zijn dan 200% van de jaarlijks inkomsten, dan bedraagt de maximale schuld 515 miljoen. Dat zou betekenen dat het waterschap nu 226 miljoen teveel schulden heeft. Het waterschap betaalt hierdoor elk jaar 9,25 miljoen teveel rente. Geld wat nu niet besteed kan worden aan schoon water en droge voeten. Dit omdat er nu geen sprake is van een houdbare schuld. De AWP wil af van de huidige schuldenberg door versneld af te lossen op schulden. Dit om te voorkomen dat ook onze kinderen elk jaar veel te veel rente betalen. 
 
AWP wil vanaf 2023 versneld aflossen op langlopende leningen 
De boodschap van de Algemene Waterschapspartij voor het hoogheemraadschap van Delfland is duidelijk voor de komende vier jaren. ‘Wij vinden dat het Hoogheemraadschap van Delfland een heldere norm moet afspreken over een houdbare schuld. De AWP vindt dat de houdbare schuld in 2023 niet meer dan 200% van de jaarlijkse belastinginkomsten mag zijn. Want wij willen de rentelasten niet doorschuiven naar onze kinderen’, zegt Van Kasteren. Het waterschap moet na de verkiezing ervoor zorgen dat minimaal vanaf 2023 sprake is van een houdbare schuld. ‘Dat is in elk geval onze inzet voor de waterschapsverkiezingen in Delfland’ zegt Frans van Kasteren. 

De AWP Delfland doet mee aan de verkiezingen onder de naam: AWP niet politiek wel deskundig. Frans van Kasteren uit Rijswijk staat op no.5.  De AWP is een landelijke partij die alleen meedoet aan de waterschapsverkiezingen.