De financiële positie van de gemeente Rijswijk blijft een belangrijk aandachtspunt voor de komende jaren. De gemeenteraad heeft een nieuw tussenbericht over het financieel toezicht in 2026 ontvangen. Hoewel de gemeente onder het reguliere toezicht van de provincie Zuid-Holland valt, blijven de oplopende schulden, omvangrijke investeringen en beperkte financiële speelruimte belangrijke risico's. De vraag is welke gevolgen deze ontwikkelingen uiteindelijk hebben voor gemeentelijke voorzieningen en de lasten van inwoners.
Het nieuwe document verschijnt op een belangrijk moment. De gemeenteraad bespreekt op 3 november de begroting en neemt op 10 november besluiten over de financiële koers. Daarbij moeten politieke ambities worden afgewogen tegen de beschikbare middelen. De provincie Zuid-Holland besloot eerder dat Rijswijk in 2026 onder regulier financieel toezicht mag blijven. Dat betekent dat de gemeente haar begrotingsplannen kan uitvoeren zonder voorafgaande goedkeuring van de provincie. Het betekent echter niet dat alle financiële risico's zijn verdwenen.
De Rekenkamer waarschuwde onlangs nog voor de kwetsbare financiële positie van Rijswijk. Volgens de onderzoekers bevindt de gemeentelijke schuldquote zich al meerdere jaren in de gevarenzone. Ook is de ruimte om onverwachte tegenvallers op te vangen beperkt.
Vooral de omvangrijke investeringsplannen vormen een belangrijk aandachtspunt. Rijswijk groeit en heeft geld nodig voor woningbouw, infrastructuur, onderwijs, sportvoorzieningen en het onderhoud van gemeentelijk vastgoed. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat nieuwe verplichtingen de financiële positie verder onder druk zetten.
Een bijzonder risico vormt de ontwikkeling van RijswijkBuiten. Bij dit grote woningbouwproject zijn aanzienlijke bedragen gemoeid met grondexploitaties en investeringen. Financiële tegenvallers kunnen daardoor gevolgen hebben voor de gemeentelijke reserves en de ruimte om andere projecten uit te voeren.
Ook de plannen uit het coalitieakkoord vragen om een zorgvuldige financiële afweging. Volgens eerder onderzoek zijn de gevolgen van ongeveer 46 miljoen euro aan aangekondigde investeringen nog niet volledig doorgerekend. Daardoor is niet altijd duidelijk wat deze plannen op langere termijn betekenen voor de begroting.
De gemeente beschikt wel over financiële buffers. Eind 2025 bedroegen de reserves ruim 98 miljoen euro. Een belangrijk deel daarvan heeft echter al een bestemming of moet beschikbaar blijven om tegenvallers op te vangen. Het bedrag kan daarom niet zonder meer worden ingezet voor nieuwe wensen.
Uit de jaarrekening over 2025 blijkt dat de solvabiliteit, een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid, is verbeterd van 20,6 naar 22,2 procent. Volgens de Rekenkamer is daarmee echter nog geen sprake van een structureel gezonde situatie. Een deel van de verbetering is namelijk te danken aan incidentele financiële meevallers.
Voor inwoners is vooral van belang of de financiële risico's uiteindelijk gevolgen krijgen voor voorzieningen en gemeentelijke belastingen. Wanneer investeringen duurder uitvallen of inkomsten tegenvallen, kan het gemeentebestuur voor moeilijke keuzes komen te staan.
Dat kan betekenen dat projecten worden uitgesteld, investeringen opnieuw worden beoordeeld of extra besparingen noodzakelijk worden. Ook de ontwikkeling van de onroerendezaakbelasting en andere gemeentelijke heffingen verdient daarbij aandacht. Van concrete nieuwe belastingverhogingen als gevolg van het tussenbericht is vooralsnog geen sprake.
Daar komt bij dat de financiële bijdragen vanuit het Rijk onzeker blijven. Vooral de kosten voor jeugdzorg en andere wettelijke gemeentelijke taken zorgen landelijk voor druk op de begrotingen. Rijswijk is daarbij afhankelijk van besluiten die buiten de directe invloed van het gemeentebestuur liggen.
De gemeenteraad nam op 27 oktober de aanbevelingen van de Rekenkamer over. Daarmee is afgesproken dat financiële risico's voortaan duidelijker in beeld moeten worden gebracht. Bij nieuwe investeringsvoorstellen moet beter zichtbaar worden wat de gevolgen zijn voor de meerjarenbegroting, de schuldpositie en het eigen vermogen.
Ook moet de raad eerder worden geïnformeerd over mogelijke tegenvallers, zodat bijsturen nog mogelijk is. Juist bij grote projecten is dat belangrijk, omdat financiële verplichtingen later vaak moeilijk kunnen worden teruggedraaid.
Het nieuwe tussenbericht over het financieel toezicht vormt daarmee een extra aanleiding om kritisch naar de financiële toekomst van Rijswijk te kijken. De precieze inhoud en eventuele aanvullende aandachtspunten van dit tussenbericht zijn nog niet vastgesteld in de beschikbare informatie.
Tijdens de komende begrotingsbehandeling zal duidelijker moeten worden hoe het gemeentebestuur de financiële risico's wil beperken en welke ruimte er overblijft voor nieuwe investeringen. Daarbij staat niet alleen de begroting voor 2027 centraal, maar vooral de vraag hoe Rijswijk ook op langere termijn financieel gezond kan blijven.