Een voorstel om natuurvriendelijke verlichting langs een donker fietspad te onderzoeken of mogelijk te maken, heeft geen meerderheid gekregen in de gemeenteraad van Rijswijk. Tijdens de raadsvergadering van dinsdag 27 oktober stemden 17 raadsleden tegen een motie van D66 en PRO Rijswijk. Vijftien raadsleden steunden het voorstel.
De stemming maakt duidelijk dat de gemeenteraad verschillend aankijkt tegen de manier waarop verkeersveiligheid en natuurbescherming met elkaar moeten worden gecombineerd. Vooral langs fietspaden in groene gebieden kunnen deze belangen met elkaar botsen. Voor fietsers kan verlichting bijdragen aan een beter zicht op de weg, obstakels en andere weggebruikers. Tegelijkertijd kan kunstlicht gevolgen hebben voor dieren die afhankelijk zijn van de natuurlijke afwisseling tussen dag en nacht.
Natuurvriendelijke verlichting is bedoeld om die gevolgen te beperken. Daarbij kan worden gedacht aan lampen die alleen inschakelen wanneer iemand nadert, verlichting met een aangepaste lichtkleur of armaturen die het licht uitsluitend op het fietspad richten. Dergelijke oplossingen worden op verschillende plaatsen toegepast om de veiligheid van weggebruikers te verbeteren zonder de omgeving voortdurend te verlichten.
Het gaat om de fietsroute door het Elsenburgerbos, die onder meer wordt gebruikt door bezoekers van sportpark Elsenburg, recreanten en mensen die naar hun werk fietsen. Volgens de indieners voelen gebruikers zich op deze route niet altijd veilig, vooral tijdens de donkere herfst- en wintermaanden.
D66-raadslid Wemke van der Weij wilde dat de gemeente zou onderzoeken of verlichting met bewegingssensoren een oplossing kan bieden. Ook de kleur, lichtsterkte en afscherming van de lampen zouden daarbij moeten worden betrokken. De indieners verwezen naar ervaringen in andere gemeenten, waaronder Leidschendam-Voorburg en Dordrecht.
Tijdens de discussie bleek dat vooral de financiële gevolgen een belangrijk bezwaar vormden. Beter voor Rijswijk en VVD wezen op het ontbreken van een duidelijke financiële dekking. Peter Spruijt van Beter voor Rijswijk wilde het onderwerp daarom bij de begrotingsbehandeling betrekken. Ook VVD-raadslid Jordy Struij plaatste vraagtekens bij de financiering.
Andere raadsleden zagen mogelijkheden om verkeersveiligheid en natuurbescherming te combineren. Daarbij werd onder meer gewezen op bestaande veiligheidsbudgetten en de mogelijkheid om gebruik te maken van ervaringen elders.
Wethouder Marc Weterings liet weten dat de gemeente al onderzoek doet naar donkere en onveilige plekken. Daarbij wordt volgens hem onder meer gekeken naar de Hoekpolder, Oud-Rijswijk, de Plaspoelpolder en de route richting de hockeyvelden aan de Lange Kleiweg.
De wethouder noemde het voorstel sympathiek, maar adviseerde de gemeenteraad de motie niet aan te nemen. Volgens hem moeten de kosten van eventuele maatregelen nadrukkelijk worden meegewogen.
D66 en PRO Rijswijk wilden vervolgens een duidelijke toezegging dat natuurvriendelijke verlichting onderdeel zou worden van het onderzoek. Die toezegging kwam er niet. Het college gaf wel aan de mogelijkheden te willen bekijken.
De motie werd uiteindelijk verworpen met 17 stemmen tegen en 15 stemmen voor. Daarmee krijgt het college geen afzonderlijke opdracht om natuurvriendelijke verlichting in het Elsenburgerbos te onderzoeken en waar mogelijk aan te brengen. De stemming vond plaats op 1 oktober. De discussie kreeg op 27 oktober opnieuw aandacht, maar er is geen nieuw besluit genomen over de verlichting. Voor gebruikers van de fietsroute blijft daarmee onzeker of en wanneer de donkere delen van het Elsenburgerbos worden aangepakt. De gemeente kan het onderwerp nog betrekken bij het bredere onderzoek naar onveilige locaties, maar concrete maatregelen of een planning zijn niet toegezegd.
De discussie laat zien hoe ingewikkeld de afweging tussen veiligheid, natuur en gemeentelijke uitgaven kan zijn. Verlichting kan fietsers en wandelaars meer zicht bieden, maar moet in een groene omgeving zorgvuldig worden toegepast om verstoring van dieren zoveel mogelijk te voorkomen.