Nederland telt steeds meer ouderen die aanvullende inkomensondersteuning ontvangen omdat ze geen volledige AOW krijgen. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) voorziet komende jaren een toename met ruim de helft. In 2040 gaat het volgens de organisatie waarschijnlijk om 94.000 huishoudens op een AOW-bevolking van ongeveer 4,6 miljoen mensen.
Dit komt doordat er steeds meer mensen zijn die niet hun hele werkende leven in Nederland hebben gewoond. In Nederland bouwt iedereen AOW op door de vijftig jaar vóór de pensioengerechtigde leeftijd onafgebroken hier te werken of te wonen. Voor ieder jaar dat iemand geen AOW-rechten opbouwt, wordt de uitkering met 2 procent gekort. Wie bijvoorbeeld lang in het buitenland woont of op latere leeftijd naar Nederland komt, ontvangt dus een lagere AOW.
Er bestaat wel een vangnet om te voorkomen dat deze mensen onder het bestaansminimum komen: de aanvullende inkomensondersteuning ouderen (AIO). De afgelopen tien jaar is het aantal huishoudens dat hiervan gebruikmaakt al met zo'n 35 procent toegenomen.
Buitenland
De dienstverlening van de SVB wordt ook steeds internationaler. Momenteel keert de SVB de AOW al uit in bijna alle landen ter wereld. Er zijn ongeveer 710.000 AOW-gerechtigden met een internationale component. Van hen wonen er zo'n 340.000 in het buitenland. De SVB verwacht dat dit aantal steeds verder zal toenemen. In 2040 gaat het waarschijnlijk om 470.000 mensen, drie jaar later naar verwachting om een half miljoen.
De SVB stelt dat de cijfers de noodzaak benadrukken van een "verregaande vereenvoudiging van wet- en regelgeving, beleid én dienstverlening". Anders "neemt de foutgevoeligheid toe en wordt het in de toekomst al hoe moeilijker voor de SVB om juist en tijdig vast te stellen waar iemand recht op heeft".
Door: ANP