Dierproeven op apen mogen ook na 2030 doorgaan, schrijft minister Rianne Letschert van Wetenschap in een brief aan de Tweede Kamer. Volgens de D66-minister zijn de proeven nog nodig voor onder meer de ontwikkeling van geneesmiddelen.
Vorig jaar werd nog een wijziging van Ines Kostic (Partij voor de Dieren) aangenomen die voorschreef om de subsidie tot 2030 af te bouwen naar nul. Een amendement van Queeny Rajkowski (VVD) in 2026 draaide dat weer terug, waardoor de D66-minister de apenproeven nu kan laten doorgaan.
Letschert wil in 2030 wel een onderzoek naar de noodzaak van dierproeven op apen. Volgens de minister zijn ze nu nog onmisbaar, vanwege de gelijkenissen tussen mensen en apen. Om die reden mogen dierproeven ook alleen op apen worden uitgevoerd, als het niet op andere dieren kan, schrijft Letschert. Het Biomedical Primate Research Centre mag maximaal 150 apenproeven per jaar uitvoeren.
Ziektes
Volgens Letschert zijn de spanningen in de wereld, zoals oorlogen, ook een reden om te blijven investeren in proeven op apen. "Het kabinet is er door de recente geopolitieke ontwikkelingen nog meer van doordrongen dat een eigen faciliteit met onderzoekscapaciteit van groot belang is voor het behoud van de strategische Europese autonomie; zowel met infrastructurele capaciteit als met kundige onderzoekers", staat in de brief.
De meeste apenonderzoeken worden gedaan om onderzoek te doen naar ziektes zoals het coronavirus, aids, malaria, alzheimer en parkinson.
Door: ANP